clubgerrit.nl
1e hulp bij fietsreizen
2010 Togo-Benin C: Noord Benin

Benin is vooral uitrusten en dingen zien in vergelijking met Togo na 9 dagen fietsen bovenop

een terreinwagen op safari 

 

Dag 9: Door de Atacora Mountains naar Natitingou

we rijden eerst door de koele ochtenlucht onder hele hoge bomen

 

 

Hoewel de mensen hier van het zelfde volk zijn als aan de andere kant hebben ze een andere

naam - de Somba - en hun kasteeltjes worden Tata Somba genoemd

 

Opeens rijden we in de Atacora Mountains en gaan steil omhoog over een mooie rode aarden

weg

 


We nemen een uitgebreide pauze waarin we een Somba dorp bezoeken. Hier een van de

tata's die hier verspreid liggen over een groot gebied.

 

Als we papaya's eten aan de weg komt er ook een taxi busje voorbij, een typische toyota

waarop een ongelofelijke hoeveelheid spullen is opgestapeld.

Als we om water vragen worden we met de jongens meegestuurd die het gaan halen bij de pomp.

Zo'n dorp is enorm uitgebreid en de tata's liggen ver van elkaar. We komen langs een tata-speelhuis en een grote hoeveelheid dakdekkersmateriaal.

Na ruim een kilometer lopen bereiken we de pomp en kunnen de bidons en de jerrycans van de jongens worden gevuld.

 

Hotel Bourgogne is onze uitvalsbasis voor de safari naar het nationale park van Pendjari.

 

Dag 10: Safari in Nationaal Park Pendjari

De volgende morgen was het nog donker toen we ontbeten en de gids bleek toch al een half uur op ons te wachten. Er blijkt een uur tijdsverschil te zijn tussen Togo en Benin. We moesten een uur rijden naar de ingang van het park en daarna nog een uur voor we wild zagen. Het werd een lange maar fascinerende rit met onze enthousiaste gids die ons zo graag olifanten wilde laten zien of een leeuw. Hij was ook geïnspireerd door de vogelkennis evan Gerard en mij en reed honderden kilometers naar de beste plekken.

 

Pendjari Nationaal Park ligt in het noordwesten van Benin en grenst aan het Arli Nationaal Park in Burkina Faso Het park is vernoemd naar de Pendjari rivier en staat bekend om zijn wildlife van o.a. olifanten, apen, leeuwen en nijlpaarden en vooral vogels, ongeveer 300 soorten. Naast het jachtluipaard, het symbool van het park, kunn je er ook de Pendjari-olifant vinden. Deze olifant is over het algemeen hetzelfde als zijn soortgenoten in het oosten van Afrika alleen heeft hij kleinere slagtanden. Het Pendjari National Park is een gebied van 2755 vierkante kilometer .Het Pendjari Park is het beste Nationaal Park van West-Afrika om dieren te spotten. Men kan er dagelijks 2 safari's doen en er is ook een gebied voorzien in het park om te jagen.

We hebben geen leeuwen en olifanten gezien maar wel de volgende dieren:

De kob is een middelgrote antilope met een rond en gespierd lichaam en nek. Hij heeft een schouderhoogte van 70 tot 100 cm en een gewicht van 80 tot 100 kg. Hij heeft een korte vacht.


De kob komt voor op de noordelijke savannes. Hij komt uitsluitend voor in vochtige graslanden (zoals in de omgeving van rivieren die in het regenseizoen buiten hun oevers treden), zowel in open savannes als in licht beboste gebieden, en op laagvlakten of licht golvend terrein.

 

 Voorzichtig met de krokodil, ook al lijken ze meer dood dan levend, is de boodschap die moeder haar kind hier meegeeft.

 

Het hartenbeest (Alcelaphus buselaphus) is een grote, algemene antilope uit de Afrikaanse grasvlakten. De naam "hartenbeest" is aan het dier gegeven door de Boeren die het dier vonden lijken op een hert. Het hartenbeest heeft een kop-romplengte van 160 tot 215 centimeter en een schouderhoogte van 107 tot 150 centimeter. Vrouwtjes wegen 116 tot 185 kilogram, mannetjes 125 tot 218 kilogram.


Het hartenbeest leeft in open, droge graslanden en savannes,. Vroeger kwam hij in bijna alle grasvlakten en savannes van Afrika voor, maar de soort is tegenwoordig uitgestorven in Noord-Afrika. Hij leeft zowel op vlakten als in heuvelachtig gebied, zowel in open gebied als in meer beboste en met struiken begroeide gebieden.



De waterbok is een grote antilopesoort met een lange, ruige vacht. 

De waterbok heeft een kop-romplengte van 177 tot 235 centimeter en een schouderhoogte van 120 tot 136 centimeter. Het mannetje is zwaarder dan het vrouwtje. Het mannetje weegt 200 tot 300 kilogram, het vrouwtje 160 tot 200 kilogram.

De waterbok leeft in beboste gebieden,savannes en valleien, in de nabijheid van water. De waterbok dankt zijn naam aan het feit dat hij meestal vlakbij water te vinden is. Hij komt in bijna geheel Afrika ten zuiden van de Sahara voor. De soort heeft een voorkeur voor bosranden en bos/grasland-mozaïeken


De Roanantilope (Hippotragus equinus), ook wel paardantilope of basterdgemsbok genoemd, is een Afrikaanse antilopensoort uit de onderfamilie der paardantilopen (Hippotraginae). Zijn nauwste nog levende verwant is de Sabelantilope of zwarte paardantilope (Hippotragus niger).

 De Roanantilope heeft een kop-romplengte van 190 tot 240 centimeter en een schouderhoogte van 126 tot 145 centimeter.  Een mannetje weegt tussen de 242 en 300 kilogram, een vrouwtje tussen de 223 en 280 kilogram.

De Roanantilope leeft in open en licht beboste gebieden, voornamelijk op graslanden en savannes met slechts enkele bomen, in parklandschap en in bosmozaïeken. De Roanantilope heeft een voorkeur voor gebieden waar weinig andere herbivoren voorkomen. Hij komt zowel voor op de noordelijke savannes als op de zuidelijke , Ook in de Sahel komt hij voor, maar nooit ver van water. De Roanantilope kan tot op 2400 meter hoogte worden aangetroffen.

De pendjari rivier is niet alleen de naamgever van het park maar vormt ook de grens ervan. Het is een kleine rivier maar een mooie.

Bavianen komen hier zoals in heel Afrika in grote hoeveelheden voor. Je ziet ze langs de weg zitten of over de weg rennen.

 

De groene baviaan of anubisbaviaan (Papio anubis) is een baviaan uit de familie der apen van de oude wereld (Cercopithecidae). Hij dankt zijn naam aan Anubis, de Egyptische god met de jakhalskop. De groene baviaan heeft namelijk een neus die doet denken aan die van een hond.

Mannetjes worden groter dan vrouwtjes: mannetjes zijn gemiddeld 100 centimeter lang, met een schouderhoogte van 70 centimeter en een gewicht van 22 tot 50 kilogram, terwijl vrouwtjes gemiddeld 75 centimeter lang zijn, met een schouderhoogte van 55 centimeter en een gewicht van 11 tot 30 kilogram. Ook hebben mannetjes een dikke kap over de nek en schouders, waardoor de oren bijzonder lastig te zien zijn.

Het is de meest algemene bavianesoort met een groot verspreidingsgebied. Ze leven in savannes, steppen en beboste en rotsachtige streken.Het is een omnivore opportunist.  Hij eet vooral gras, knoppen, bladeren en fruit, aangevuld methars, gom en sprinkhanen en andere insecten. Ook eet hij kleine gewervelde dieren, van hagedissen tot jonge antilopen, en wortels en bloesems. Hij past zijn dieet makkelijk aan veranderende situaties aan. Ook landbouwgewassen worden gegeten. Een troep bavianen kan grote schade aanrichten aan landbouwgebieden en in sommige streken worden ze als ongedierte beschouwd.

 

De groene baviaan leeft in complexe sociale groepen, die uit enkele dieren tot troepen van wel honderdvijftig dieren kunnen bestaan. Een gemiddelde groep heeft ongeveer vijfendertig dieren. De troepen zijn gemengd, waarbij vrouwtjes in de meerderheid zijn (meestal drie keer zoveel vrouwtjes dan mannetjes). Mannetjes werken soms samen, waarbij een hiërarchie kan heersen.

 

De huzaaraap of patas (Erythrocebus patas) is een Afrikaanse soort van het geslachthuzaarapen (Erythrocebus).

 De huzaaraap is een slanke apensoort met lange ledematen. Mannelijke huzaarapen zijn veel groter dan vrouwtjes, regelmatig minstens twee keer zo groot. Het mannetje is 60 tot 87 cm lang, 34 tot 50 cm hoog en 10 tot 25 kg zwaar. Het vrouwtje is 48 tot 77 cm lang, 28 tot 45 cm hoog en 7 tot 14 kg zwaar.

De huzaaraap komt voor op de noordelijke savannes van Afrika,  Hij is te vinden in drogere halfwoestijnen, de open graslanden van de Sahel,  in open savannen, struikgebieden en open bossen. Hij is het algemeenst in licht met enkele acacia's en struiken begroeide savannes. Het is samen met de groene meerkatten en bavianen de enige Afrikaanse primaat die meer in open streken leeft, Andere soorten zijn meer bosbewoners.

De huzaaraap is overdag actief. 's nachts slaapt hij alleen of met zijn tweeën in de top van een boom. De belangrijkste vijanden zijn luipaarden en leeuwen. De huzaaraap is aangepast aan het leven op de grond. De lange ledematen zorgen ervoor dat het dier zich op de grond snel kan voortbewegen.

De huzaaraap leeft in groepsverband. Een troep bestaat uit ongeveer vijfentwintig dieren, bestaande uit een dominant mannetje en meerdere vrouwtjes en jongen. Volwassen mannetjes zonder troep leven alleen of in kleine vrijgezellengroepjes.

De huzaaraap zoekt naar voedsel in kleinere groepen. Hij eet voornamelijk plantaardig materiaal, als zaden, peulvruchten,  bladeren, grassen, vruchten, bessen en bloemen maar soms ook incecten en andere ongewervelden,  paddenstoelen, eieren en kleine gewervelde dieren. Ook bezoekt hij in de droge tijd regelmatig waterbronnen.

 

 Het knobbelzwijn (Phacochoerus africanus) is een algemeen zwijn uit de familie der varkens (Suidae),

Het knobbelzwijn is een dagdier. Het leeft op de savannen vanAfrika ten zuiden van de Sahara. Het heeft een voorkeur voor uiterwaarden en licht bebost landschap. 

Het knobbelzwijn eet vooral gras, maar ook bast, bladeren, wortelen, vruchten, aas, insecten en llarven, en zelfs uitwerpselen. In het droge seizoen eet het vooral knollen en wortelstokken, in het regenseizoen vooral kort gras. Het blijft meestal nabij water, maar kan voor langere tijd zonder water, aangezien zijn voedsel rijk aan vocht is. Om te eten laat het zich door zijn voorpoten zakken.

Als het knobbelzwijn rent, houdt het zijn staart recht omhoog. Zijn belangrijkste vijand is de leeuw

 Het knobbelzwijn is een sociale soort. Meestal bestaat een groep uit een vrouwtje en haar vrouwelijke nakomelingen. Als groepen zich samenvoegen, zijn dat meestal ook nauwe verwanten, zoals zussen of moeders en dochters. Meestal leven verwante familiegroepjes dicht bij elkaar in een gebied van vier km². Holen binnen dit gebied worden gedeeld door de groepen, maar er wordt nooit meer dan één groep per hol aangetroffen.

De zwarte kroonkraan (Balearica pavonina) of zwarte kroonkraanvogel is een vogel uit de familie Gruidae (Kraanvogels). Deze soort is nauw verwant aan de Grijze Kroonkraan (B. regulorum) en ze zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden.

Zijn menu bestaat uit insecten, reptielen en kleine zoogdieren. Zoals alle kraanvogels heeft ook de zwarte kroonkraan een opvallende baltsdans waarbij hij zijn vleugelswijd uitspreidt.

 

 

 Twee Afrikaanse ooievaars, twee sporenkivieten en twee nijlkrokodillen

 

Nijlpaarden leven in en om het water, in rivieren, plassen, meren en moerassen in een groot deel van Afrika, oorspronkelijk van de Nijldelta tot de Kaap. Ze komen oorspronkelijk in ieder gebied voor waar voldoende water is om in te baden en gras om van te grazen. In bergen kunnen ze tot op 2000 meter hoogte worden gevonden.

 Nijlpaarden zijn een belangrijk onderdeel van hun ecosysteem. Er zijn meren die zonder nijlpaarden zo goed als levenloos zouden zijn, bijvoorbeeld doordat ze uit vrijwel steriel bronwater voortspruiten, maar door de bemesting door dit dier een hele levensgemeenschap ondersteunen.

 

Ook als we het nationale park al hebben verlaten kunnen we in de inmiddels mildere avondzon nog bovenop de wagen blijven zitten. Opeens komen er motors rijden vanuit de ondergaande zon en ze laten het stof hoog opwaaien.

We zijn van zonsopkomst tot zonsondergang op pad geweest.



Reacties

Log in of maak een profiel aan op deze site
Als je inlogt of een profiel aanmaakt op deze site kun je sneller reageren en worden je reacties automatisch geupdate met je nieuwe gegevens als je die aanpast. log nu in/schrijf je nu in 
Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Vul deze captcha in
Dit is een verplicht veld